1924, een bloedreis naar Schokland

In de collectie van Spaarnestad Photo vond ik een prachtige scan van een foto uit 1924 van de Urker ijsvlet, die ik de lezer niet wilde onthouden. Het bijschrift bij de foto: ‘Na uren op het ijs rondgezworven te hebben, komt de verdwaalde postploeg eindelijk aan bij Schokland, een eiland in de Zuiderzee. (IJsselmeer), 1924.’1 Deze foto was mij al wel bekend (uit het archief van grootvader Albert van Urk), maar dan als minder duidelijke kopie van onderstaande.

De Urker ijsvlet in 1924 bij Schokland. Foto: Spaarnestad Photo (publiek domein).

Als de Zuiderzee dichtgevroren was, raakten eilanden als Urk en Schokland geïsoleerd. Een ijsvlet bood uitkomst. De ijsvlet of ijsloper was een bootje met ijzers aan de onderkant, die door een groep sterke mannen over het ijs werd getrokken. De reizen waren niet zonder gevaar en werden op Urk ook wel ‘bloedreizen’ genoemd. Deze bloedreizen moesten worden gemaakt om post naar en van de vaste wal te brengen, zieken te vervoeren of eten te halen.

De Urker mannen overnachtten dan op Schokland, omdat een reis naar Kampen lang duurde. Ook vanuit Kampen kwam een ijsvlet voor de post. Soms ontmoetten ze elkaar op Schokland, waar ze poststukken overdroegen.

Ik schreef eerder een artikel over de Urker ijsvlet op deze blog.

Het verhaal achter de foto

Prachtig dat het verhaal achter de foto bewaard is gebleven! Deze foto hoort bij een verslag dat in 1924 in het tijdschrift Het leven verscheen. Deze titel vind ik in Delpher niet terug, maar gelukkig verscheen het in 2003 in het Urker Volksleven.2 De fotograaf, tevens verslaggever, ging mee op de tocht met de ijsvlet vanaf Kampen naar Schokland, waar de mensen van Kampen de Urker ijsvlet zouden ontmoeten, die eenzelfde reis van Urk naar Schokland maakte. De foto’s zijn ook bewaard gebleven.

‘…van al m’n tochten, in al m’n jarenlange ondervinding als fotograaf-verslaggever, heb ik geen reis gemaakt zoo vol ontberingen, zoo troosteloos-beklemmend, zoo levensgevaarlijk, zoo avontuurlijk, als deze laatste tocht van Kampen uit over ’t ijs.’3

De reden voor de bloedreis van de verslaggever: die winter was de Urker postboot ‘Dir. Gen. Jhr. Von Geusau’ bij het Ketelvuur, voor Kampen, in het kruiende ijs vastgelopen. De post kon alleen nog gehaald en gebracht worden door middel van de ijsvletten.

Per fiets en slee wordt de post over het bevroren Ganzendiep bij Kampen naar de postvlet voor Urk gebracht. Foto: Spaarnestad (publiek domein).
Postzakken worden in de Kamper ijsvlet geladen. Foto: Spaarnestad (publiek domein).
Onder de schoenen worden ijzers gebonden. Foto: Spaarnestad (publiek domein).

Vanuit Kampen nam een wagen zestien postzakken mee, met als bestemming Urk. Eerst moest het Ganzendiep worden overgestoken naar Kampereiland. Dit gaf al problemen, omdat het veer er door het ijs uit lag. Vanaf Ramspol ging de reis verder met de Kamper ijsvlet, over de Zuiderzee naar Schokland: ‘de eentonige ijsvlakte lag totaal verlaten voor ons, tot den horizon toe, als één eindeloos veld van dreinerig grijs, tot waar ’t één werd met den grijzen, somberen, zwaarbewolkte hemel…’.4

Na een urenlange barre tocht over het ijs kwam het gezelschap uit Kampen aan bij Schokland, waar ze de Urker ploeg zouden ontmoeten. Schokland was nog bewoond: de vuurtorenwachters, kantonniers en havenmeesters woonden er met hun gezinnen. In totaal twaalf personen, die ook in totale isolatie gezeten waren.5

De postvlet wordt over de dichtgevroren Zuiderzee getrokken richting Schokland. Foto: Spaarnestad (publiek domein).
De postvlet wordt over de dichtgevroren Zuiderzee getrokken richting Schokland. Foto: Spaarnestad (publiek domein).

Nou was er wel telefonie. Zo kon ook het contact met Urk worden gelegd en afspraken over de ontmoeting van beide ijsvletten op Schokland worden gemaakt. De Urker vlet zou met tien man aankomen, met aan boord twee passagiers die naar de vaste wal toe moesten. Waarschijnlijk zieken.

De Urker ploeg was die ochtend ook vroeg vertrokken. De verslaggever en de Kamper ploeg wachtten en wachtten. ‘…’t werd middag, – ’t werd avond, – op heel die troostelooze ijsvlakte was, tot aan den horizon rondom, niemand te zien…’.6

De Kamper mannen maakten zich klaar om voor de nacht weer terug te zijn in Kampen, tot daar plotseling een groep mannen in de verte opdoemde. ‘[…] dat waren de Urkers die aankwamen. Ze waren verdwaald, en hadden een geweldig avontuurlijke reis gemaakt. […] Onophoudelijk was de boot door ’t ijs gezakt, ze hadden ergens open water gevonden, waren nu met den stroom afgedreven en zo kwamen ze uit het Noorden eindelijk naar Schokland…!’7 Het moment dat de verslaggever bovenstaande foto maakte.

De Urkers komen in zicht. Foto: Spaarnestad (publiek domein).

De poststukken werden overhandigd. De Urker ploeg, totaal uitgeput door de ontberingen, overnachtte op Schokland. In het artikel wordt niet duidelijk of de passagiers ook werden overgedragen, of toch mee terug moesten naar Urk.

De verslaggever en zijn reisgenoten kwamen doodop aan op Kampereiland: ‘Aan de eerste de beste boerderij die we ontwaarden – ’t was toch nog een half uur! – vielen we, dood-op neer en met echt-Hollandsche gastvrijheid werden we door den boer en z’n gezin ontvangen, verwarmd, gedroogd, van eten voorzien, en een uur later lagen we in het hooi te droomen over dezen vreselijken tocht, en de Urkers, die we op Schokland achterlieten en niet meer weg konden…’.8

Een prachtig verslag van een bloedreis, die zo’n honderd jaar geleden gemaakt werd, dus. Het verslag is een mooie aanvulling op de vele verhalen in het boek ‘Bloedreizen in barre winters’, dat in 1992 door de Stichting Urker Uitgaven werd uitgegeven en dat een goed beeld geeft van de vele ontberingen die deze heldhaftige ijsvletters beleefd hebben.9

Van de winter van 1924 vonden we nog een mooie, heldere foto in dezelfde collectie, van mogelijk dezelfde fotograaf.10 Op deze foto zien we de haven van Emmeloord, Schokland, met kruiend ijs.

De haven van Emmeloord in de winter van 1924. Foto: Spaarnestad Photo (publiek domein).

– Bas Visscher, oktober 2026

  1. Nationaal Archief, “Foto ijsvlet”, http://hdl.handle.net/10648/35429da7-5c26-a382-e063-6df0900a6686, geraadpleegd 11 oktober 2026. ↩︎
  2. Zuiderzeecollectie, “Met de Urker postvlet op ’t ijs der Zuiderzee: onze fotoverslaggever maakt den levensgevaarlijken tocht mee”, https://www.zuiderzeecollectie.nl/object/articles/Zuiderzee_museum-200013429, geraadpleegd 11 oktober 2026. ↩︎
  3. “Met de Urker postvlet op ’t ijs der Zuiderzee”, Urker Volksleven (december 2003), 24. ↩︎
  4. Ibidem, 25-26. ↩︎
  5. Ibidem, 26. ↩︎
  6. Ibidem, 26-27. ↩︎
  7. Ibidem, 27-28. ↩︎
  8. Ibidem, 30. ↩︎
  9. A. Weerstand, T. de Vries en A. van Urk, Bloedreizen in barre winters (Urk: Stichting Urker Uitgaven, 1992). ↩︎
  10. Nationaal Archief, “Foto Emmeloord”, http://hdl.handle.net/10648/35429da7-5c29-a382-e063-6df0900a6686, geraadpleegd 11 oktober 2026. ↩︎


Ontdek meer van bas visscher

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *