De Urker ‘Measter’ Tromp de Vries schreef een aantal bijzondere gedichten, waaronder enkele over Schokland. Laten we er een uitlichten.
Middelbuurt
Museumkerkje onder iepen
– een steen wijst hoe het water rees –
en achter ’t palenscherm, in het diepe,
staat nóg de peilschaal, die bewees
hoe hoog de golven konden stijgen,
en met dat water klom de nood;
Maar moeilijk was ’t, al kwam de dood,
de Schokkers van hun erf te krijgen.
Men kan er over vroeger pei(n)zen:
’t proefstoombezoekje eens gebracht,
rietsnijders in de zomernacht,
ijslopers op hun barre reizen…
Want alles spreekt hier in het heden
nog boeiend over het verleden.1
Het is zo bijzonder om rond te lopen over een voormalig eiland, waar mensen geen herinnering aan hebben (aan de eilandperiode bedoel ik dan, tot 1942), maar waarmee ze zich wel verbonden voelen.
Tijdens mijn studie aan de Reinwardt Academie ging het over lieux de mémoire, ‘plekken van herinnering’. De term werd gepopulariseerd door de Franse historicus Pierre Nora. Hij stelt dat plaatsen van herinnering (die zowel materieel als immaterieel kunnen zijn) bestaan omdat de herinnering verdwijnt en geschiedenis wordt; men wil, in mijn woorden, de herinnering áán de herinnering in stand houden. De ‘plaatsen van herinnering’ zijn daarmee in zekere zin plaatsen van verloren gegane herinnering.2
Neem dan inderdaad Schokland, een gebied van zo’n 1300 hectare in de Noordoostpolder. Ooit een eiland, in 1859 ontruimd. Van de vroegere bewoning is bijna niets terug te vinden in het landschap: de bewoners moesten hun eigen huizen afbreken om te voorkomen dat ze ooit weer naar het eiland zouden terugkeren.
De Schokker gemeenschap bestaat uit verre nakomelingen van dat kluitje eilandbewoners. Ze hebben geen eigen wezenlijke herinneringen aan het leven op Schokland. Hun schip lag niet in de haven, ze gingen er niet naar de kerk, ze zongen er geen Schokker kerstliederen, ze begroeven hun doden niet op de Schokker begraafplaatsen, ze spraken geen Schokkers.
Maar ze hebben wel een band met het voormalige eiland. Ze beleven samen het ‘Schokker-zijn’, delen de verhalen van lang geleden en krijgen op Schokland, het liefst bij slecht weer, het eiland-gevoel. Ze herinneren zich een herinnering: ze herinneren zich wat ze zelf nooit hebben meegemaakt.
Toen de laatste geboren Schokker overleed, stierf ook de herinnering aan Schokland en werd de herinnering geschiedenis. En daarmee werd de plek Schokland ook een plek van herinnering, voor de Schokker gemeenschap althans. En misschien ook voor de vele duizenden bezoekers die de verhalen jaarlijks beleven in het Werelderfgoedgebied en een band ontwikkelen met deze plaats. Of voor de bewoners van de Noordoostpolder, die met deze geschiedenis van vóór de inpoldering geen directe band hebben, maar er wel betekenis aan kunnen ontlenen en zo hun leefomgeving een historische dimensie kunnen geven.
Ik moest aan die erfgoedtheorie van Nora denken toen ik de afgelopen zaterdagen rondleidingen gaf over het voormalige eiland. Een gebied waar ik mij verbonden mee voel, en dat komt alleen maar door de verhalen van herinneringen. Hoe mij daar als klein jongetje verhalen werden verteld over de geschiedenis. Herinneringen aan verloren herinneringen.
Toen dacht ik ook weer aan de laatste regels van dat gedicht van Tromp de Vries (opgenomen in het boek Schokland, op de golven van de tijd): ‘…alles spreekt hier in het heden / nog boeiend over het verleden’. En zo is het.

– Bas Visscher, oktober 2026
- Albert van Urk, Schokland, op de golven van de tijd (Urk: Stichting Urker Uitgaven, 1992), 36. ↩︎
- Gertjan van Veen, ‘Lieux de mémoire’, Historiek, 28 april 2015, https://historiek.net/lieux-de-memoire/49762/, geraadpleegd 26 oktober 2026. ↩︎
Ontdek meer van bas visscher
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.